SSR-Zesdaagse: ‘Reken als rechter meerdere scenario’s door’

Een vonnis vellen is soms ook hogere wiskunde. Kansberekening en logica komen goed van pas bij de reconstructie en het bepalen van de dader. Om justitiële dwalingen te voorkomen, maar ook bij kleinere zaken zoals een inbraak in een pompstation. In Zwolle lieten op 29 oktober rechters, officieren en NFI-medewerkers zich op hoog niveau bijscholen. De derde etappe van de SSR-Zesdaagse werd een boeiende breinkraker: ‘De strafrechter is een archeoloog.’

“De advocaat op deze zitting heeft onze les goed begrepen”, complimenteert Henry Prakken, hoogleraar rechtsinformatica en juridische argumentatie, de raadsman in een nagespeelde rechtszaak over een inbraak bij een benzinestation langs de snelweg. Bij de nachtelijke inbraak is na het ingooien van een ruit geld en snoep weggehaald. Het bloed op een glasscherf matcht met het DNA van een inwoner uit het nabijgelegen Eijsden, vlakbij het drielandenpunt. Klaar als een klontje, vind de officier van dienst, die wordt nagespeeld door een vrouwelijke rechter: “Het kan bijna niet anders of mijnheer is de dader.” Daar diens advocaat, nagespeeld door een mannelijke rechter, natuurlijk anders over. Hij suggereert diverse alternatieve scenario’s: “Het bloed kan ook eerder die dag door mijn cliënt verloren zijn en daarna op het glas terechtgekomen. Misschien is de ruit al eerder gebroken door nalatigheid van de eigenaar.” Ook wijst de raadsman op het grote aantal automobilisten dat dagelijks bij dit station komt tanken. Deels uit België en Duitsland. “De kans dat dader niet uit Eijsden komt, is daarmee extra groot.”

Hersenkraker

De surrogaat advocaat heeft inderdaad goed opgelet tijdens deze bijeenkomst over ‘Rationeel beslissen’, in de modern vormgegeven rechtbank van Zwolle. De derde etappe van de SSR-Zesdaagse is niet de makkelijkste in de reeks. De hersens van de aanwezige rechters en officieren kraken regelmatig hardop bij het doorgronden van de logica en formules van hoogleraar Prakken en zijn collega Hendrik Kaptein, universitair hoofddocent rechtsfilosofie en argumentatietheorie. “Voor juristen is dit al snel hogere wiskunde”, grijnst Kaptein. “Maar het gaat wel over de kern van het rechtersvak: hoe beredeneer je het meest accuraat wat er feitelijk is gebeurd?”

Dwalingen

Rechters zijn intelligent, denken logisch na, combineren dat met ervaring en intuïtie – en nemen een besluit. Maar is dat voldoende om een goed vonnis te vellen? Zeker in complexe zaken komt er meer kijken bij de waarheidsvinding en oordeelsvorming, betogen beide sprekers. Kijk naar de veelbesproken justitiële dwalingen van de afgelopen jaren zoals de Puttense moordzaak en de onterecht van meervoudige moord beschuldigde verpleegster Ina Post. “De moord in Putten had in het huisje plaatsgevonden”, stelt Kaptein. “Maar de sporen van de vermeende daders werden daar niet aangetroffen. Dan gebiedt de logica dat ze het zeer waarschijnlijk niet gedaan hebben.” Iemand uit de zaal werpt tegen: “De sporen kunnen toch niet zijn ontdekt.” Klopt, beaamt Kaptein. “Maar die kans is klein. Je moet steeds een hele reeks mogelijkheden openhouden en per optie de waarschijnlijkheid beredeneren.”

Ogenschijnlijk

“Een strafrechter is een archeoloog”, doceert Kaptein. Hij werkt op basis van sporen in het heden en brengt die in verband met gebeurtenissen uit het verleden. Vertrouw in de rechtszaal niet te veel op getuigenissen, benadrukken Kaptein en Prakken, die zijn vaak onbetrouwbaar en bevoordelen de beste spreker. Bouw liever op harder bewijs, zoals DNA of camerabeelden. Gebruik als dat nodig is kansberekening. Prakken geeft het voorbeeld van de zaak John Adams. Adams wordt verdacht van een verkrachting, omdat in het slachtoffer sperma is aangetroffen dat in zeer hoge mate matcht met zijn DNA: de kans dat het iemands anders DNA betrof is 1 op 2 miljoen. Een ogenschijnlijk beslissend bewijs. Maar tegelijk herkent het slachtoffer Adams niet bij een daderconfrontatie en verklaart zijn vriendin de bewuste avond bij hem geweest te zijn. “Voor al die factoren kun je bij benadering de waarschijnlijkheid berekenen”, vertelt Prakken. “Maar ook moet je het aantal inwoners van het omliggende gebied mee rekenen: hoe talrijker, hoe hoger de kans op een eventuele andere dader.” Omdat Adams in London woont, telt dit afzwakkende effect extra. “Als je zo alle relevante factoren optelt en aftrekt, ligt de schuld van Adams een stuk minder voor de hand.”

Andere wereld

De rechters en officieren in de zaal knikken instemmend. Moeilijke materie, deze Bayesiaanse theorie, maar wel bruikbaar en belangrijk in de rechtszaal. Waar lang niet altijd van deze kennis gebruik wordt gemaakt. “Veel juristen leven nog in de wereld van het argument en het tegenargument”, aldus Diederik Aben, raadsheer bij de Hoge Raad. “Dat is de manier waarop wij doorgaans denken.” Dat is soms best lastig, vertelt achteraf een analist van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), die samen met een collega op deze Zesdaagse-etappe is afgekomen. “Wij leveren onze rapportages over bijvoorbeeld DNA-sporen aan met dit soort berekeningen en percentages. Dat wordt in de rechtszaal niet altijd goed begrepen.”

Twijfel

Het decor voor de afsluitende casus is de Bijenkorf. Een vrouw is met een paar niet afgerekende sokken in haar tas aangetroffen door een bewaker. Het alarm ging af, terwijl een verkoopster kort daarvoor naar de vrouw had gewezen. “Klaar als een klontje”, vindt de officier van justitie, nagespeeld door een vrouwelijke rechter. “Maar mevrouw is een vaste klant, ze heeft een klantenkaart”, werpt de advocaat tegen. “Ze had haast om naar haar werk te gaan en vergat in de chaos af te rekenen.” Docent Kaptein voegt daar later aan toe: “Misschien kende de verkoopster de vrouw en wees ze daarom naar haar, of had ze juist een hekel aan deze vaste klant en heeft de sokken met opzet in haar jas gedaan. Bedenk steeds alternatieve en ontlastende opties.” De gelegenheidsrechter spreekt de verdachte vrij: “Er is te weinig overtuigend bewijs. Ik vind het risico op een onterechte veroordeling te groot.” Hij laat in zijn beslissing voldoende ruimte voor twijfel – precies de boodschap van vanavond.

Voortzetting SSR Zesdaagse in 2016

Na een korte winterstop gaat de Zesdaagse verder in 2016. De volgende onderwerpen staan daarbij op de agenda (klik op de titel voor meer informatie):

  • Ambacht & Atelier – Den Bosch, 19 januari, door Ruth de Bock (raadsheer gerechtshof Amsterdam) & Gerard Tangenberg (bestuurslid rechtbank Noord-Nederland)
  • Verder kijken dan… –  Leeuwarden, 2 februari, door Miranda Boone (bijzonder hoogleraar penologie en penitentiair recht) & Michiel Van der Veen (ontwerper/eigenaar Electric Monitoring)
  • De Concerncode – Haarlem, 11 februari, door Door Job Cohen (jurist, hoogleraar, politicus)
    & Willem van Schendel (vicepresident Hoge Raad)
  • R/rechtspraak als kunstwerk – Utrecht, 18 februari, door Sanne Taekema (hoogleraar rechtstheorie) & Edgar Du Perron (hoogleraar privaatrecht)

Aanmelden voor één of meerdere van deze bijeenkomsten kan door een e-mail te sturen naar events@ssr.nl. Aan deelname zijn geen kosten verbonden.

Masterclasses

De SSR Zesdaagse; een serie masterclasses waar Rechtspraak en wetenschap elkaar ontmoeten. Zes dagen, zes locaties en zes onderwerpen die de Rechtspraak aangaan. Twee ‘inleiders’ introduceren de onderwerpen waarna er volop ruimte is voor discussie. Om tegemoet te komen aan zo min mogelijk reistijd is er gekozen voor een geografische spreiding. Om de dagelijkse werkzaamheden zo min mogelijk te belasten is de vorm een (na)middag programma, waar het leerzame wordt gecombineerd met het ‘aangename’ en PE-punten. Iedere ronde van de zesdaagse start om 15:30 en eindigt rond 19:00 uur. Aan een lichte maaltijd is gedacht.

Terug naar het nieuwsoverzicht