SSR adviseurs digitaal leren over hun ervaringen in coronatijd

SSR-adviseurs digitaal leren Judith Mombarg (41) en Janny Geerligs (34) praten over hun ervaringen in coronatijd. Een onverwacht snelle overgang naar zelfstudiemodules en virtuele klaslokalen viel sommige cursisten en ook docenten soms rauw op het dak. “Maar SSR blijft die koers varen. Het is een investering in de toekomst”.

Op 12 maart ging Nederland in een lockdown. Wat denken jullie dan?

Judith: “Es geht los!, dacht ik. We kunnen niet anders.”
Janny: “We hadden een vliegende start. Het móest, dus we konden doorzetten. Maar dan merk je gaandeweg het jaar dat het oude patroon terugkomt. Er wordt dan toch nog niet zo doorgezet als je had gehoopt en gewild.”
Judith: “Dat herken ik wel. In het voorjaar zat iedereen in de modus van: gaan, gaan, gaan. De opleidingen voor rechters en officieren in opleiding startten begin april. We hebben daarvoor nagenoeg alles opzij gezet en we konden grote stappen zetten. Daarna zie je dat het gevoel van urgentie afzwakt.”

Hoe komt dat?

Janny: “De wil is er wel om digitaal leren een prominente plek te geven, maar we hebben moeite om te switchen naar een organisatie die mee gaat met de veranderingen om ons heen. Dat is ook niet heel vreemd. SSR organiseert van oudsher klassikale bijeenkomsten. Daar is alles op ingericht. Het stroomt zo’n beetje door de aderen van de hele rechterlijke organisatie. We zitten wat dat betreft nu echt in een overgangsfase.”
Judith: “Je merkt dat veel van onze eindgebruikers uiteindelijk positief zijn over het aanbod dat we in coronatijd hebben gerealiseerd. Digitaal leren heeft dan een duidelijke meerwaarde. Maar het kan ook afschrikken als je niet weet wat je te wachten staat. Het is namelijk best heftig als je verwacht zes uur lang op een dag in een Skype-meeting te worden vastgepind. Uiteraard is dat ook niet de bedoeling. Door interactie in te bouwen, in kleine groepjes uiteen te gaan en zelfstudie-/leesmomenten in te bouwen kan een online cursus ook afwisselend zijn.”
Janny: “Niet bekend maakt niet bemind. Dat is met het maken van een zelfstudiemodule niet anders. Zoals Judith al aangeeft, gaat het vooral om de verwachtingen van zowel cursisten maar zeker ook van docenten. Als ik docenten de voordelen en het proces (wij bouwen en jij bepaalt de inhoud in overleg met de cursusmanager) van zelfstudiemodules uitleg, dan zie je dat ze omslaan. Ze zien dan de mogelijkheden en komen dan zelfs met ideeën om het verder aan te vullen!”

Waar bestaat digitaal leren eigenlijk uit?

Judith: “Digitaal leren onderscheid zich bij ons in twee varianten. Allereerst hebben we de online cursussen met contactmomenten. Dat kunnen uitvoeringen zijn met behulp van een virtual classroom, Zoom- of Skype-meeting, maar ook webinars. Deze zijn doorgaans korter en voor grotere groepen. Alle vinden live plaats en kennen een vorm van interactie waarbij een docent voor de groep staat. Daarnaast hebben we (online) zelfstudiemodules, waar je op een zelfgekozen tijdstip een (vooraf opgenomen) webcollege bekijkt of een e-learning-module volgt in MIJN SSR. Daar hebben Janny en ik in 2020 vooral op ingezet. Deelnemers kunnen daarmee aan de slag als zíj er behoefte aan hebben. Het is bovendien vaker in te zetten in andere leerlijnen. Zo hebben we modules die voor drie leerlijnen bruikbaar zijn. En je doet er langer mee. In maart 2020 was ons uitgangspunt bij het aanpassen van cursussen naar een online variant de 50/50-formule – voor een eendaagse cursus moest één dagdeel uit online contactonderwijs bestaan en één dagdeel uit zelfstudie, bijvoorbeeld een e-learning module.”
Janny: “De ontwikkeltijd van een e-learning module was vorig jaar korter. De noodzaak was ook groter. Dat we op afstand moesten overleggen was geen handicap. Het gaat sneller en we praten korter. Dat heeft voordelen. Er zijn ook meer video-opnames in de studio in Utrecht gemaakt. Docenten die nu door corona ineens voor de camera staan en online cursusuitvoeringen of webcolleges maken, vinden het wel spannend en vragen zich af of het wel goed gaat. Maar met wat tips en trucs van de multimediaspecialisten gaat het eigenlijk heel soepel en zijn docenten vaak trots op wat ze hebben neergezet. Ze worden uit hun comfortzone gehaald en ontdekken nieuwe talenten bij zichzelf.”

Wat betekenen deze ontwikkelingen voor de toekomst?

Janny: “Corona heeft digitaal leren op de kaart gezet en laten zien dat er meer mogelijk is dan alleen klassikaal onderwijs op locatie. Wat we nu ontwikkelen door de coronacrisis kunnen we blijven gebruiken. Het is geen weggegooide tijd en energie. Het is een investering in de toekomst. Onze doelgroep heeft het altijd druk en de digitale modules (en andere online leervormen) die we nu ontwikkelen passen in ons toekomstbeeld. Met relatief lagere kosten kunnen we meer mensen bereiken en daarnaast scheelt het simpelweg ook reistijd.”
Judith: “Op bestuurlijk niveau wordt gericht met docenten gecommuniceerd dat SSR deze koers blijft varen. Het is ook niet zo dat we sinds maart 2020 met e-learning aan crisismanagement doen. SSR streeft ernaar om een groot deel van het online aanbod te behouden. We gaan naar blended onderwijs, met een mix van bijeenkomsten op locatie, zelfstudie en online ontmoetingen. Voor langere opleidingen, waarbij sommige deelnemers vaak naar Utrecht moeten reizen, heeft die mix echt meerwaarde. Ik vind het wel sterk dat we die mix nu al uitdragen, terwijl we nog middenin de coronaperiode zitten!”

Dit interview is afgenomen in februari 2021 en maakt deel uit van het SSR jaaroverzicht 2020.

Terug naar het nieuwsoverzicht